Knieblessure lopersknie

Klachten bij een lopersknie 

 De tractus illiotibialis die betrokken is bij de lopersknie (image designed by  BodyHeal.com.au )

De tractus illiotibialis die betrokken is bij de lopersknie (image designed by BodyHeal.com.au)

Bij een lopersknie is er sprake van pijn aan de buitenzijde van de knie net boven de gewrichtsspleet. De pijn is zeurend van karakter en verergerd tijdens of na sportbelasting. De pijn kan uitstraling naar de buitenkant van het bovenbeen, ook kan er pijn zijn in de heup. Als er sprake is van een ontstekingsreactie dan kan de buitenkant van de knie warm en gezwollen zijn.

Ontstaan van de lopersknie

De naam van deze blessure is enigszins misleidend, de blessure komt weliswaar veel voor bij hardlopers echter ook anders sporters kunnen hier last van hebben. Ook bij wielrenners is het bijvoorbeeld een relatief veel voorkomende blessure. De medische naam voor deze blessure is tractus illiotibialis frictiesyndroom. De tractus illiotibialis is de bindweefsel die vanaf het bekken over de heup, de buitenkant van het bovenbeen en de buitenkant van de knie loopt en hecht middels een pees aan aan aan het kuitbeen (fibulakopje). De blessure ontstaat in de meeste gevallen geleidelijk en staat bekend als een typische overbelastingsblessure. Factoren die een rol spelen bij het ontstaan van deze blessure zijn onvoldoende warming up, te snelle opbouw van trainingsprikkel, te grootte trainingsbelasting, overpronatie (doorzakken van de voet) tijdens het lopen, lopen op ongelijke grond of op aflopende stoepen en zwakte van de heupspieren (met name de heupspieren die de heup zijwaarts heffen oftewel de abductoren) en matige rompstabiliteit. 

Advies en behandeling bij een lopersknie

Relatieve rust, koelen en oefeningen

De eerste stap is relatieve rust (dat wil zeggen verminderen van de belastende activiteiten). Daarnaast kan er regelmatig gekoeld worden om de pijn te verminderen (let op niet rechtstreeks op de huid koelen in verband met mogelijke bevriezing van de huid). Verder is het aan te raden te starten met rekoefeningen voor de tractus illiotibialis en eventueel spierversterkende oefeningen voor de abductoren van de heup en oefeningen te verbetering van de rompstabiliteit. Je kan gebruik maken van diverse materialen zoals haltersoefenbandenmedicine ballen en balans kussens.

Rekoefening voor de tractus illiotibialis die betrokken is bij de lopersknie

Een effectieve oefening die kan bijdragen aan pijnvermindering en het herstel van de lopersknie is de rekoefening voor de tractus illiotibialis. In onderstaande video wordt deze lastige rekoefening uitgelegd.  De klachten mogen tijdens en na het uitvoeren van deze oefening niet verergeren. 

 
  • 3 x per dag
  • 3 series van 30 seconden rekken
  • breng de tractus rustig op rek stop op het  punt waarop je lichte rek voelt
 

Deze oefening is eenvoudig thuis uit te voeren, voor je herstel is het echter wel erg belangrijk dat je de goede oefeningen uitvoert op een correcte manier. Bij AUWH online blessure preventie en herstel krijg je daarom eerst een videoconsult waarin we je blessure uitgebreid uitvragen. Vervolgens maken onze deskundige sportfysiotherapeuten een op maat gemaakt oefenprogramma voor je. Je krijgt dit oefenprogramma aangeboden via een mooie en handige app. Zo ontvang je jou specifieke oefeningen dagelijks op je pc, smartphone of tablet met HD video instructie in het Nederlands. Los hiervan is het bij ons ook mogelijk een vrijblijvend videoconsult voor advies aan te vragen!

Overige behandelmogelijkheden bij aanhoudende klachten van de lopersknie

Bij deze blessure is het  belangrijk om schoenen te dragen met een goede schokdemping. Verouderde schoenen kunnen juist leiden tot klachten. Een uitgebreide warming up is nodig waarbij de snelheid van de bewegingen langzaam moet worden verhoogd. Vaak speelt bij deze blessure ook de looptechniek en de stand van de voeten een rol. Het overmatig proneren (platvoet) zorgt ervoor dat er een verhoogde belasting ontstaat op de tractus illiotibialis en de buitenzijde van de knie. Aangepast schoeisel en eventueel zooltjes kunnen dan ook worden geadviseerd bij aanhoudende of steeds terugkerende klachten.  Wanneer de klachten aanhouden is het aan te raden een goede diagnose te laten stellen door bijvoorbeeld een sportarts. Afhankelijk van de diagnose kan dan een specifiek beleid worden ingezet.